Marat, Jean Paul (1743-1793)

Jean-Paul MaratEen van de bekendste revolutionairen, al was het maar omdat hij zittend in bad door Charlotte Corday, een mooie vijfentwintigjarige dochter van een edelman met Girondijnse sympathieën, met messteken is vermoord.

Toch was hij geen typische sansculotte. Hij had medicijnen gestudeerd en veel gereisd. In Engeland had hij in goede kringen verkeerd en een leidende universiteit had hem een eretitel toegekend Terug in Frankrijk was hij benoemd tot officier van gezondheid bij de lijfgarde van de hertog van Orléans en bezat een grote en bloeiende praktijk onder diens vrienden

In 1789 stortte hij zich geheel op de journalistiek en begon met de uitgave van L'Ami du Peuple (De Vriend van het Volk). 

Marat was de ergste ophitser. In zijn krant L'Ami du Peuple,  had hij een reputatie opgebouwd van de ware kampioen van het volk. Marat was geen politicus, hij was eenvoudig tegen ieder die gezag uitoefende en maakte geen onderscheid tussen ministers, aristocraten, royalisten, Girondijnen of de bestuurslichamen

Toch was hij een diep teleurgesteld man Hij smeekte om erkenning als wetenschapsman en denker, maar zijn dwaze en dikwijls belachelijke theorieën werden uitgelachei1 door gevestigd geleerden De Franse academie van wetenschappen weigerde hem als lid op te nemen. Zijn speculaties op het gebied van de wijsbegeerte verwekten een vernietigend oordeel van niemand minder dan Voltaire Frustratie en verbittering begonnen zijn geest te vertroebelen. Hij geloofde aan een samenzwering van geleerden tegen hem. Hij begon aan vreemde ziekten te lijden, blind makende hoofdpijn en kreupelheid verwekkende beenkrampen waar de medische wetenschap geen verklaring voor kon vinden

De revolutie gaf hem een kans zich te wreken op de mensen en de wereld. Zijn aanvallen op autoriteiten werden onduldbaar fel en gemeen. Dikwijls moest hij zich verbergen om arrestatie te ontlopen. Wekenlang bracht hij door in de riolen en duistere hoeken van Parijs

Altijd al een onogelijk, lelijk mannetje, kwam hij als een soort nachtmerrie-fantoom uit zijn schuilhoeken te voorschijn Zijn gelige huid was bedekt met vuile zweren, die hij zijn leven lang niet kwijt zou raken Niet minder afschrikwekkend dan het zenuwtrekken van zijn armen en zijn sluik haar dat tot in zijn ogen hing. waren de vette vodden waarin hij gekleed was Zelfs zijn vrienden hielden zich op een afstand. En toch was zijn sinistere invloed enorm Hij scheen de kern van alle verwarringen in de stad, de haat en oorzaak van alle relletjes. Zijn naam werd genoemd bij de vreselijke dingen die volgden op het vertrek van Dantons vrijwilligers.

Zijn blad L'Ami du Peuple bevatte een onafzienbare reeks zogenaamde ontmaskeringen en beschuldigingen aan het adres van allen die op dat moment aan het bewind waren gekoppeld aan de roep om een krachtige dictatuur 'in naam van het Volk.' In september 1792 werd hij lid van het Comité van Waakzaamheid en droeg in die hoedanigheid een grote verantwoordelijkheid voor de slachtpartijen in de Parijse gevangenissen in die dagen. Hij schaarde zich bij de Jacobijnen en was in een bitter gevecht gewikkeld met de door de Conventie die door Girondijnen werd gedomineerd. De Conventie voerde zelfs op het moment van zijn dood een proces tegen hem waarbij alle leden een uitspraak over hem hebben gedaan, die kon variëren van een goed patriot tot 'koning der Hunnen'. Het bad dat hij dagelijks moest nemen vanwege een ernstige huidziekte werd de perfecte gelegenheid voor Charlotte Corday om hem op 13 juli uit de weg te ruimen. Natuurlijk wordt zij terstond gegrepen en enkele dagen later terechtgesteld. Ter nagedachtenis werden borstbeelden en liederen hem gemaakt. Voor de schilder van de heroïek van de revolutie - David - was de dood van Marat de aanleiding voor een van zijn beste schilderijen.


terug